Begeleiding

Leerlingenbegeleiding is een middel tot verbetering van de kwaliteit van het onderwijs. Het is een geheel aan activiteiten van verschillende aard, dat gericht is op de school en op de leerling, met tot doel de optimale ontwikkeling als individu mogelijk te maken. Daarnaast houdt leerlingenbegeleiding ook acties in die gericht zijn op het verbreden van het onderwijs- en begeleidingsaanbod van de school.

In de leerlingenbegeleiding kunnen drie aandachtsvelden onderscheiden worden:

1° de studiebegeleiding
2° de onderwijsloopbaanbegeleiding
3° de persoonlijke begeleiding

De school werkt samen met het CLB om verdere hulpvragen verder op te lossen.

Vanuit haar betrokkenheid met de maatschappij besteedt het KLA momenteel extra aandacht aan:

  • Kunst en Cultuur

  • ICT en het gebruik van het elektronisch leerplatform Smartschool

  • Gelijke Onderwijskansen

  • Pesten

  • Drugsbeleid

1. STUDIEBEGELEIDING

De studiebegeleiding is een vorm van hulp die gericht is op het optimaliseren van het effect van studeren. Deze begeleiding kan zowel ondersteunend als remediërend zijn.
Het omvat o.a.:

  • vakgebonden begeleiding (remediëring, uitdaging…)

  • studiemethodiek

  • leerstoornissen

  • concentratieproblemen

  • faalangst

In de eerste graad worden er, in het eerste leerjaar, lessen ‘KLAskunde’ gegeven. Onder deze noemer worden er verschillende doelen nagestreefd. Een deel van de burgerschapscompetenties, digitale competenties en leercompetenties zijn verwerkt in KLAskunde maar we maken ook tijd vrij voor welbevinden: hoe is de klassfeer, een klasparlement. Het toepassen van de digitale en leercompetenties zit ook vervat in andere vakken, zoals bijvoorbeeld het aanwenden van de juiste studietechniek (markeren, schematiseren, samenvatten, hulpmiddelen gebruiken, geheugensteuntjes, mindmappen …) maar in KLAskunde werken we ook rond planning en organisatie, studiehouding en motivatie, reflectie, verschillende leerstijlen, hoe een ideale studeerruimte eruit ziet, de werking van het geheugen, enz. KLAskunde is een ‘echt’ vak waarin competenties ook geëvalueerd worden.

KLA heeft een team van ‘KLAskunde-leerkrachten’ en deze leerkrachten zijn ook in het eerste jaar hun klastitularis. Zij bieden ook ondersteuning aan de andere collega’s van de eerste graad inzake ‘leren leren’. Dhr. Stroobants coördineert de werking van dit team.

De leerlingen van het eerste jaar krijgen gemiddeld 1 lesuur KLAskunde per week. De eerste lessen KLAskunde vallen tijdens de onthaaldagen en gaan vooral over de overgang naar het middelbaar, het lessenrooster, het maken van de boekentas (én het vermijden van te zware boekentassen!), Smartschool, enz.

 

In het 3de jaar bieden we een KLAsuur aan. Dit KLAsuur is een 33ste uur, verplicht voor alle leerlingen. In dit uur zitten ze wekelijks samen met hun klastitularis. Het geeft de klastitularis de tijd om de leerlingen (beter) te leren kennen en waarmee hij hen, bij problemen, het beste mee verder helpt. Het is een uur om aan de groeps-/klassfeer te werken. Leerlingen worden geholpen bij hun studie op het moment dat ze hulp nodig hebben en zij krijgen eventueel in kleine groepjes of individueel tools aangereikt die voor hen werken. Bovendien maken we in dit uur tijd vrij om na te denken over een positieve studiekeuze. Zitten ze in de juiste studierichting? Waar liggen hun talenten? zijn vragen die aan bod komen.

Vanaf de 2de graad voorzien we extra ondersteuning voor die leerlingen die nog problemen hebben met studiemethodiek. De leerlingen kunnen hiervoor terecht bij meneer Christophe Van Hoegaerden (ook leerkracht fysica) en mevrouw Ellen Wouters (ook leerlingenbegeleiding) tijdens de middaguren in lokaal 360. Zij worden doorverwezen naar deze individuele ondersteuning door de klassenraad. Onze studiebegeleiders koppelen ook terug aan de vakleerkrachten wat betreft de opdrachten die dienen gemaakt te worden.

In de 3de graad gebruiken wij de Columbustest om onze leerlingen inzicht te geven in zichzelf, hun (leer)competenties en hun motivatie om verder te studeren. Zij leggen online een ‘wat wil ik, wie ben ik?’ test af. Alle leerlingen krijgen een feedbackrapport zodat persoonlijke remediëring mogelijk is. De leerlingen kunnen hiervoor terecht bij mevrouw Debbie Mannaerts en mevrouw Ellen Wouters voor begeleiding betreffende studiemethodiek, motivatie en planning.

2. ONDERWIJSLOOPBAANBEGELEIDING

De onderwijsloopbaanbegeleiding omvat de hulp aan de leerling bij de voorbereiding van de keuze en de eigenlijke beslissing t.a.v. de te volgen studies en de beoogde loopbaan. Deze begeleiding kan zowel optimaliserend als corrigerend zijn. Het komt nog vaak voor dat ouders en leerlingen een verkeerd beeld hebben van de vooropleiding die een leerling moet gekregen hebben om bepaalde studies aan te vatten in het hoger onderwijs. In alle jaren wordt er aandacht besteed aan onderwijsloopbaanbegeleiding:

 

  • Complementaire activiteiten in de 2de graad: in de talenrichtingen wordt er een vak ‘Taal en cultuur’ aangeboden. In 3 behandelt dit uur de Franstalige en Engelstalige wereld. In 4 de Spaanstalige en Duitstalige wereld. Bedoeling hiervan is dat onze leerlingen een meer onderbouwde studiekeuze voor moderne talen kunnen maken.

  • We organiseren jaarlijks infoavonden met betrekking tot de overgang van het 2de naar het 3de jaar en van het 4de naar het 5de jaar. Hierop worden ouders en leerlingen uitgenodigd. Hun OLB-traject wordt geschetst en alle polen geven uitleg over hun specifieke vakken. Nadien gebeurt een peiling naar interesses, leerattitudes, motivatie, resultaten…

  • Kennismakingslessen worden georganiseerd voor alle vakken die nieuw worden aangeboden in een bepaalde studierichting zodat leerlingen weten waarvoor ze kiezen. De leerlingen van het 2e en 4e leerjaar volgen bijvoorbeeld een kennismakingsles Grieks, economie en/of humane wetenschappen en wetenschappen.

  • Waar nodig volgt een gesprek met de leerlingbegeleiders en/of CLB.

  • De mogelijkheid bestaat om een gesprek aan te gaan met oudere leerlingen wat betreft je studiekeuze.

  • De delibererende klassenraad geeft elk jaar een advies.


In het 6de jaar onderneemt het KLA volgende acties:

  • Tijdens de infoavond over de BaMa-structuur wordt een infobrochure “Welke mogelijkheden na het ASO?” uitgedeeld. Deze kan een duidelijker inzicht verstrekken voor het bepalen van de studiekeuze. Op deze avond worden oud-leerlingen uitgenodigd om gerichte en concrete info te komen geven aan onze 6e-jaars. Vertegenwoordigers van het hoger onderwijs geven onze leerlingen en hun ouders inzicht in het systeem van studiekrediet.

  • Onze zesdejaars bezoeken elk schooljaar de SID-in beurs waarop het verdergezet onderwijs zichzelf en al haar studiemogelijkheden voorstelt.

  • Onze zesdejaars leggen de Columbustest ‘Wie ben ik, wat wil ik?’ af.

  • Onze zesdejaars bezoeken een Rotary-infoavond  waarop ze een gesprek kunnen aangaan met vertegenwoordigers van alle beroepssectoren.

  • We organiseren ‘Advocaat in de klas’ voor de leerlingen die twijfelen om een juridische studie aan te vatten.

  • Onze leerlingen kunnen deelnemen aan workshops en inleefdagen.

  • Ondernemers uit alle sectoren worden uitgenodigd om hun carrière pad voor te stellen aan de leerlingen.

Voor vragen kan u terecht bij de verantwoordelijken:


1e tot en met 5e jaar – de heer Steve Serneels
6e jaar – mevrouw Ann Engelen en de heer Tom De Winne

3. PERSOONLIJKE BEGELEIDING

De persoonlijke begeleiding omvat de hulp aan leerlingen bij problemen van persoonlijke aard die van invloed zijn op de schoolloopbaan. Intensieve leerlingenbegeleiding is toegesneden op schoolspecifieke vragen en situaties. Ze betreft zowel maatregelen op individueel maar ook op groeps- en schoolniveau. De aandachtspunten bij de individuele hulp liggen verschillend. Er zijn immers veranderingen in de socio-emotionele zorglijn waarneembaar volgens de leeftijd. Deze verschillen worden verklaard door de individuele waardeontwikkeling samenhangend met het cognitief ontwikkelingsniveau van de jongere.

In de eerste graad wordt er veel tijd besteed aan de nauwgezette opvolging van de nieuwe leerlingen. Zij hebben een hele grote stap gezet vanuit de lagere school naar het secundair onderwijs en hebben tijd nodig om hun plaats te vinden in deze nieuwe sociale omgeving. Op school kunnen tal van problemen zichtbaar worden. Soms gaat het om nieuwe problemen, in andere gevallen gaat het om reeds bestaande problemen die groter worden: leerproblemen, problemen met informatieverwerking en planning, faalangst, pesten en een tekort aan relationele vaardigheden. Aandachtige observatie van onze leerlingen, zowel tijdens de lessen als daarbuiten geeft ons een goed beeld van het profiel van de leerlingen.

In de tweede graad zien we een verschuiving van de begeleiding naar de volgende zaken. Leerlingen zien zichzelf vooral als lid van een groep. Ze willen voldoen aan de conventies van de groep waartoe ze behoren. Omgaan met groepsdruk is op deze leeftijd niet eenvoudig. Vele leerlingen worden geconfronteerd met de gevolgen van een weinig efficiënte studiemethode. Ze zijn zonder al te veel inspanning in de tweede graad geraakt en moeten nu –midden in hun puberteit- leren werken voor school. Vaak weten ze niet hoe hier aan te beginnen. Sommige kampen met motivatie- en faalangstproblemen. In de derde graad gaan jongeren steeds meer op zoek naar hun eigen waarden en normen. Ze gaan inzien dat het wereldbeeld van hun ouders niet altijd overeenkomt met dat van hen. Deze zoektocht kan voor sommige jongeren zwaar wegen. We zien dan ook in de derde graad een groot aantal hulpvragen in verband met socio-emotionele problemen op het familiale vlak en stemmingsstoornissen (depressie). In de derde graad leren jongeren zelfstandiger zijn en hun eigen grenzen aftasten. Dit loopt niet altijd van een leien dakje: spijbelen, te laat komen, studie- en motivatieproblemen komen ook in de derde graad voor.

Indien u vragen hebt, kan u terecht bij mevrouw Debbie Mannaerts of mevrouw Ellen Wouters (leerlingenbegeleiding).

© 2019 GO! Koninklijk Lyceum Antwerpen